BSU-directeur Jan Beelen ‘man met een missie’ Een man met een missie, zo kan Jan Beelen uit Opperdoes worden omschreven. Als nieuwe baas van BSU en uitbater van het Vliegveldrestaurant zegt hij naar Texel te zijn gekomen om van beide bedrijven gezonde ondernemingen te maken. Het liefst zou deze vredesduif, zoals hij wel wordt genoemd, dat doen door samen te werken met Paracentrum Texel. Maar Jan Boyen Rienks houdt de boot af. ‘Ik kom hier om te ondernemen en een leuk bedrijf op te bouwen’, zegt de 51-jarige Beelen, de nieuwe directeur van BSU. Eigenlijk had deze ondernemer uit Opperdoes zich voorgenomen om na de verkoop van zijn bedrijf, dat het mondiale recht had om tv-meubels van Philips te verkopen, een jaartje vrijaf te nemen, om meer tijd aan zijn dochtertje te besteden. Maar het liep anders. ‘BSU kwam op mijn pad. Via gemeenschappelijke vrienden hoorde ik over de problemen die Alexander Beetz met zijn bedrijven in Amsterdam en op Texel had. Toen ik werd gevraagd of ik daar eens naar wilde kijken, ben ik me erin gaan verdiepen. Als mijn dochtertje op school zat, had ik toch niets te doen.’ ‘Ik zag dat die jongens van BSU hun nek behoorlijk ver hadden uitgestoken. Dat het bedrijf in onbalans was geraakt heeft diverse redenen. Het duurde te lang voordat het eigen vliegtuig er was, daarom moest een duur vliegtuig worden gehuurd en ook het weer zat vorige zomer niet mee. Dan heb ik het nog niet over de narigheid die zich hier heeft afgespeeld. Maar fundamenteel hebben ze iets goeds neergezet. Er is een goed vliegtuig, een vergunning voor een dropzone, toestemming om het luchtruim te mogen gebruiken en een uitstekende staf die bereid is hard te werken en in staat is de parasport aan zich te binden. Dat hebben we tijdens het paasweekend gemerkt, toen we hier ruim 700 sprongen hadden. Dat hadden er meer kunnen zijn, als we meer vliegcapaciteit hadden gehad. En als je naar onze agenda kijkt, dan zitten de weekenden voor komend seizoen behoorlijk vol en moeten we al denken aan het huren van een extra vliegtuig. Er is echt iets goeds op de kaart gezet. Nu moeten we het zakelijk op orde brengen. Dat kun je doen door je te wapenen tegen de concurrentie of door ze in de armen te sluiten. Het liefst zou ik samenwerken met Paracentrum Texel, omdat beide bedrijven daar een groot zakelijk voordeel van hebben. Maar ik heb begrip voor de emoties en dat de familie Rienks enige afstand houdt.’ De vraag is of er bestaansrecht is voor twee paracentra. Het begrip korting ligt de para’s, die graag zo goedkoop mogelijk willen springen, immers op de lippen en ze weten de verschillend dropzones in het land goed tegen elkaar uit te spelen. Beelen: ‘Ondanks alle perikelen en het matige weer is het totaal aantal sprongen vorig jaar gegroeid. Er is veel mogelijk, maar dan moet er wel iets gebeuren. De prijs moet scherp zijn, maar ook materiaal, de service en de coaching. Wat dat betreft hebben we het goed voor elkaar. Een jong bedrijf, nieuw springmateriaal en enthousiaste stafleden. De Nederlands kampioen Punky Fish is bijvoorbeeld als coach aan dit bedrijf verbonden. Dat is één van de uithangborden voor het bedrijf. Maar het geld moet worden verdiend met de tandemsprongen. Daarmee alleen ben je er niet, want als je geen jonge springers opleidt, vergrijst de sport. Daarom moeten we ervoor zorgen dat jong talent hier weer graag komt springen. Daarvoor moet je samenwerken. Eén bedrijf dat meer de commerciële kant doet, het andere meer het sportieve. Probeer dan samen de handen op elkaar te krijgen. Groot voordeel is dat je materiaal met elkaar kunt uitwisselen, je kunt de vliegtuigen efficiënter gebruiken, coaches met elkaar uitwisselen en een centraal verkooppunt maken.’ Een idealistisch pleidooi van de nieuwe man, maar tot dusver heeft de familie Rienks zijn toenadering om samen te werken niet beantwoord. Beelen zegt er alles aan te doen in ieder geval de goede sfeer op het vliegveld terug te krijgen, want niemand wil een herhaling van vorig jaar. ‘De ticketverkoop in het restaurant lag gevoelig en wekte naar buiten de indruk dat het hier een BSU-bolwerk was. Mensen stoorden zich eraan, het ging ten koste van de sfeer en het scheelde klandizie. We hebben daarom de ticketverkoop uit het restaurant gehaald. Die vindt nu plaats in de kiosk, waar ook kaartjes voor rondvluchten van Wooning Aviation en Reinair plaatsvinden.’ Het is niet de enige verandering in het restaurant, dat door Beelen wordt geëxploiteerd. Henk Griffioen uit Den Burg is aangetrokken als bedrijfsleider. Ervaring in de horeca deed deze Texelaar jaren geleden op in strandpaviljoen paal 12, waarna hij periode in de baggersector actief was. Maar toen het werk daarin minder werd, kwam het aanbod om het vliegveldrestaurant te runnen voor hem op een goed moment. Mede door zijn inbreng zijn enkele veranderingen in het bedrijf aangebracht, waardoor de uitstraling is veranderd. Ook is er een aparte parabar gemaakt, waar de springers in zekere afzondering een drankje kunnen drinken en op een tv-scherm hun verrichtingen van die dag kunnen bekijken. ‘Het is neutraal gebied. Springers en teams van beide bedrijven komen hier over de vloer, net zoals de vliegers en toeristen. Want we hebben ze allemaal nodig. En de gasten van het hotel kunnen hier een hapje eten. En alle medewerkers en vrijwilligers krijgen hier dezelfde korting.’ Beelen bezit zelf tachtig procent van de aandelen van BSU, die hij via de curator uit het faillissement van Beetz heeft overgenomen. ‘Openstaande rekeningen zijn betaald, het personeel heeft het achterstallige salaris gekregen en BSU kreeg het vertrouwen terug. Arie Drevel, die al aandeelhouder was van BSU was, blijft dat. Ook Karel Lamboo en Ado de Schipper, beiden bekende springers, zijn nu aandeelhouder. Beelen: ‘Alle aandeelhouders hebben een actieve rol in dit bedrijf, krijgen geen salaris, maar delen mee in de winst van het bedrijf, waardoor we de kosten in de hand houden. Herman Landsman, die zich nu nog aan zijn concurrentiebeding moet houden, treedt vanaf 1 mei toe als instructeur en wordt de vijfde aandeelhouder. Het is de bedoeling dat de aandelen min of meer gelijk worden verdeeld onder de aandeelhouders, want ik wil helemaal geen meerderheidsbelang. Ik ben geen springer of vliegenier. Zakelijk heb ik wel wat in huis, maar mijn kennis van deze bedrijfstak is beperkt. Met Pasen heb ik pas mijn eerste (tandem)sprong gemaakt.’ ‘Maar ik heb onder meer gesproken met de burgemeester en Bob en Jan Boyen Rienks en dat waren goede gesprekken. Het is niet de toon van vorig jaar. Ik heb geen zin in ruzie en kom hier om te ondernemen en een leuk bedrijf op te bouwen. Als iedereen positief is, ligt er een grote toekomst voor het bedrijf. Mijn missie is voltooid als BSU en PCT één bedrijf zijn. Als dat een feit is, trek ik me geleidelijk aan terug. Tweede uitdaging is het restaurant tot een ontmoetingscentrum te maken waar alle mensen op de luchthaven samen komen. Ook uit het hotel, dat momenteel draait met een bezetting van gemiddeld 20 procent, is veel meer te halen. Om dit mogelijk te maken moet er wat mij betreft nog een extra bedrijf bijkomen, een boekingbureau, dat alle aanbieders op het vliegveld contracteert. Want je kunt hier slapen, eten drinken, parachutespringen, entertainment, familie- en bedrijfsuitjes en noem maar op. Een mooi commercieel bedrijf dat toerisme aantrekt, dat is ook goed voor Texel. De luchthaven is een slapende reus met heel veel capaciteit. Het wordt tijd dat hij wakker wordt gemaakt.’ Gevraagd naar een reactie laat Jan Boyen Rienks van Paracentrum Texel desgevraagd weten niets voor samenwerking te voelen. ‘Ik zie niet hoe en waarom we dat moeten doen. We hebben vorig jaar een heel goed seizoen gedraaid, alles staat op de rails, we hebben onze vliegtuigen, we doen de dingen waar we goed in zijn en er is geen enkele noodzaak om dat samen te doen. Ik wens ze veel succes en wil het daar bij laten.’